Gaat jouw relatie ook steeds aan en uit?

Het steeds weer aan en uit gaan van een relatie kost meestal erg veel energie. Meestal is er één partner die dit niet zo wil, maar doordat er zoveel gevoel is voor die ander, gaan ze toch steeds weer mee in dit proces. Wanneer het uit gaat is er dan veel verdriet en nog voordat het allemaal is verwerkt is de relatie alweer begonnen.

De ander, de partner die het steeds uitmaakt en zich dus niet kan of wil binden, kost het vaak ook enorm veel energie. Ze zijn rusteloos, lopen vaak rond tijdens de relatie met de vraag of dit het nu is en missen hun “ex” vaak vrij snel na het beëindigen van de relatie.

Bindingsproblemen en aan-uit relaties

Wanneer een partner bang is of het lastig vindt om zich te binden, resulteert dit vaak in een vrij chaotisch verloop van de relatie. Moeilijkheden op het gebied van verbinden, kan vele oorzaken hebben, maar meestal zie ik in de praktijk hierin drie groepen die ik hieronder zal benoemen.

bindingsangst

Bindingsangst ontstaan in de kindertijd
De eerste groep van mensen die last van bindingsproblemen kunnen hebben, zijn degenen die in hun kindertijd in meer of mindere mate onveilig zijn gehecht. Als kind heb je het nodig om mentaal en emotioneel op je opvoeders te kunnen vertrouwen. Hierbij speelt in het begin van je leven je moeder meestal een grote rol. Wanneer je je veilig voelt, dan durf je de ander, in dit geval je moeder, te laten zien wat er echt speelt en hoef je niet te doen, net alsof.

Wanneer je klein bent, ben je totaal afhankelijk van je opvoeders. Je bent kwetsbaar en gevoelig voor al de positieve en negatieve invloeden die zij kunnen hebben. Problemen voor het kind op het gebied van hechting kunnen ontstaan wanneer de moeder zelf problemen heeft. Voorbeelden hiervan zijn: depressie, verslavingsproblemen, heftige relatieproblemen, emotionele instabiliteit, manipulatief gedrag, langdurige ziekte, angststoornis, eigen hechtingsproblemen, enzovoort.

Een kind houdt onvoorwaardelijk van zijn ouders en heeft het nodig dat zij van hem of haar houden, beschermen en verzorgen. In dit soort nare situaties beginnen zij zich er echter gevoelsmatig steeds bewuster van te worden dat de verbinding met deze persoon totaal niet veilig is en vaak ook beangstigend is. Deze kinderen zien bovendien vaak dat hun ouders zelf ook niet in staat zijn om zich op een goede manier te verbinden met elkaar en met anderen die ze lief hebben. Daarnaast kan het voorkomen dat ouders zich juist wel volledig inzetten voor hun partner en dus niet voor hun kinderen, hun werk of hun verslaving. Al met al ook geen best voorbeeld van hoe je kunt bouwen aan emotioneel vertrouwen.

Op latere leeftijd, wanneer het kind volwassen is geworden en zelf een relatie wil aangaan met iemand voor wie ze liefde voelen, kan dit erg lastig zijn. Liefde is dan namelijk gevoelsmatig gekoppeld aan onveiligheid en is vaak ook beangstigend. Daarnaast mist men meestal de vaardigheden om te bouwen aan dit emotioneel vertrouwen. Dit kan resulteren in het gewoonweg niet aangaan van een relatie. Wanneer wel een relatie wordt aangegaan, dan is het moeilijk om zichzelf helemaal bloot te geven aan hun partner. Zij durven hem of haar niet helemaal te vertrouwen. Hierdoor is de relatie meestal oppervlakkiger. Gevoelens en behoeftes worden minder uitgesproken. Partners kunnen er in dat geval niet echt voor elkaar zijn op emotioneel gebied.

Bindingsangst door ontrouw of overlijden
De tweede groep zijn de mensen die ooit op een pijnlijke manier iemand zijn kwijtgeraakt, bijvoorbeeld door ontrouw of overlijden, en dit niet goed hebben verwerkt. Zij kunnen het nu moeilijk vinden om een nieuwe partner volledig te vertrouwen. Dit kan zich uiten in het niet (volledig) durven aangaan van een relatie. De angst om zich te binden is in dit geval de angst voor pijn en verdriet, mocht het fout gaan. Waar liefde ontstaat en je je verbonden voelt met iemand, kun je deze persoon ook kwijtraken en dat gaat meestal gepaard met verdriet. Laat je jezelf hierdoor leiden, dan beheerst angst je leven en dat is helemaal verdrietig. Ook al is het moeilijk, is mijn advies om er juist wel over te praten, omdat er dan begrip voor de situatie kan ontstaan en spanningen kunnen afnemen.

Onafhankelijk willen blijven
De derde hoofdmoot van mensen die last van bindingsproblemen kunnen hebben, zijn degenen die onafhankelijkheid hoog in het vaandel hebben staan. Wanneer je gewend bent om vooral op sociaal, financieel en emotioneel vlak je eigen boontjes te doppen, kan het heel lastig zijn om te merken dat je juist op dat vlak aan iemand gehecht raakt en merkt dat je de ander nodig hebt. Emotioneel afstand bewaren, kan dan het gevolg zijn. Het verlies aan vrijheid kan je ook een verdrietig of onrustig gevoel geven. Partners die dit samen meemaken, moeten goed in gesprek blijven en elkaar vertellen waar ze blij van worden, maar ook wat ze juist moeilijk vinden. (“Ik hou echt van jou, maar ik heb nu even tijd nodig voor mezelf” of “Ik weet dat ik nu even niet te genieten ben. Dat heeft niets te maken met de liefde voor jou. Zo ben ik nu eenmaal soms.”) Het is essentieel dat je van elkaar voelt en weet dat er de ruimte is om dingen voor jezelf te doen, ook al vindt de ander dat moeilijk. In dat soort situaties moet je echt vertrouwen in de liefde voor elkaar. Liefde in zijn zuiverste vorm is juist het elkaar vrijlaten, zodat je kunt zijn wie je bent. De confrontatie met de onrustige gevoelens die passen bij een mogelijk verlies van onafhankelijkheid gebeurt meestal wanneer de relatie serieuzer wordt en er bijvoorbeeld nagedacht gaat worden over samenwonen, carrières, kinderen en levensdoelen.

De partner-van

Voor de partner die zich juist wel wil binden, kan het erg zwaar zijn om met een partner die zich (nog) niet wil binden om te gaan. Wat in ieder geval niet helpt, is de ander forceren om voor de relatie te kiezen. Gevoel is niet te sturen en meestal werkt het voor het blok zetten averechts. Door juist de ander vrij te laten, waardoor in ieder geval geen negatieve spanningen ontstaan, blijft het relaxed en groeien mensen juist vaak naar een relatie toe. Dit gaat meestal langzaam en vergt dan ook vertrouwen in jezelf. Je valt dan meer terug op jezelf.

Natuurlijk zijn er ook grenzen! Wanneer je steeds weer in een situatie terecht komt waarbij je partner het uitmaakt waardoor jij je rot voelt, dan is dat niet goed voor je. Dit gaat namelijk ten koste van je zelfvertrouwen en dat maakt je geen leuker mens. Vaak word je hierdoor steeds afhankelijker van de ander en dat is niet goed. Mocht je in een dergelijke negatieve spiraal zitten, dan is het goed om desnoods professionele hulp in te roepen. Met hulp kun je dan stappen maken om deze negatieve periode te doorbreken.